(titelfoto Alain DOIRE / BFC Tourisme)
Wie in de Bourgogne komt, wandelt ongemerkt door het decor van een van Europa’s grootste militaire geesten.
In het hart van deze streek wordt in 1633 Sébastien Le Prestre de Vauban geboren,
de man die onder koning Louis XIV het Franse koninkrijk zou omringen met een gordel van stervormige vestingen.
Vauban ontwerpt meer dan 150 citadellen, forten, steden, militaire en commerciële havens
en civiele installaties tijdens het bewind van de Zonnekoning.
Zijn missie: Frankrijk omringen met een gordel van stervormige vestingen, een ware ceinture de fer.
Bovendien is hij een sociaal bewogen man
die de armoede van de werkende klasse wil bestrijden.
Militair genie in dienst van de koning
Vauban groeit uit tot een van de beroemdste Bourgondiër van de 17e eeuw. Als militair ingenieur aan het hof van de Zonnekoning ontwerpt, bouwt of verbetert hij meer dan 300 fortificaties, leidt hij ruim 50 belegeringen en maken de verdedigings- als de aanvalskunst onder zijn leiding een revolutionaire ontwikkeling door. Vauban lijdt slechts twee nederlagen tijdens 53 belegeringen. In januari 1703 wordt hij benoemd tot maarschalk van Frankrijk.
Zijn vestingwerken, met bastions, glacissen (een flauw hellend vlak van aarde of steen aan de buitenzijde van een vestinggracht), brede grachten en lage, dikke muren tot wel tien meter hoog, zijn bestand tegen zware kanonskogels. Torens worden breder en lager, en blinde vlekken in de verdediging weggewerkt. Vauban maakte optimaal gebruik van bergtoppen, hellingen, rivieren en kustlijnen.
De kracht van zijn vestingen zit niet in afzonderlijke onderdelen, maar in de samenhang van het hele verdedigingssysteem. Bastions maken het mogelijk om de naderende vijand vanuit verschillende richtingen onder vuur te nemen, terwijl grachten en glacissen de aanvaller afremmen en zo lang mogelijk blootstellen aan het verdedigingsvuur.
Ook de omgeving speelt een belangrijke rol: hoogteverschillen, rivieren en natuurlijke hindernissen worden bewust in het ontwerp opgenomen. Zo maakt Vauban van de vesting een doordacht geheel waarin bouwkunde, terrein en militaire strategie elkaar versterken.
Zijn doel: Frankrijk versterken én het aantal slachtoffers beperken door een doordachte, voorzichtige belegeringsstrategie met lange loopgraven buiten het directe schootsveld.
Werelderfgoed
In 2008 worden de vestingwerken van Vauban erkend als UNESCO-werelderfgoed: de Fortifications of Vauban. Steden als Arras, Besançon en Mont-Dauphin maken deel uit van deze unieke ceinture de fer.
De Morvan: waar het begon
Voordat hij maarschalk wordt, is Sébastien Le Prestre de Vauban een jongen uit de Morvan. Hij werd geboren in het huidige Saint-Léger-Vauban, destijds Saint-Léger-de-Foucheret. Zijn vader, Urbain Le Prestre, behoort tot de lage adel, maar zonder fortuin. Het gezin leeft tussen boeren die gebukt gaan onder zware belastingen, soms tot driekwart van hun inkomen.
Deze jeugd in armoede tekent Vauban blijvend. Hij wordt op jonge leeftijd wees en krijgt zijn verdere opleiding bij de karmelieten in Semur-en-Auxois, waar hij wiskunde, geometrie, tekenen en bouwkunst leert, de fundamenten van zijn latere genie.
Op achttienjarige leeftijd treedt hij in dienst bij de prins van Condé. Na zijn gevangenneming in 1653 weet kardinaal Mazarin hem te overtuigen voortaan de koning te gaan dienen. In 1655 benoemt Lodewijk XIV hem tot koninklijk ingenieur. Zijn loopbaan is gelanceerd.
Van jongen uit de Morvan tot kritisch denker
Zijn jeugd in de Morvan geeft hem niet alleen kennis van het leven op het platteland, maar maakt hem ook vertrouwd met de moeilijkheden waarmee de gewone bevolking te maken heeft. Die ervaring lijkt later mee te klinken in zijn belangstelling voor de economische situatie van Frankrijk en de ongelijke verdeling van de belastinglasten.
Vauban ontwikkelt zich daarmee tot meer dan een militair ingenieur: hij wordt ook een kritisch waarnemer van de samenleving waarin hij leeft.
Oorlog en innovatie
Vanaf 1662 versterkt Vauban steden als Duinkerke en Rijsel. Tijdens de Hollandse Oorlog neemt hij deel aan talrijke belegeringen, waaronder Maastricht en Ieper. Na de Vrede van Nijmegen ontwerpt hij het beroemde pré carré: een dubbele linie van dertig versterkte steden langs de noordgrens. Voorbeelden van zijn werk zijn onder meer Neuf-Brisach, Besançon en Mont-Dauphin.
Tijdens het beleg van Namen (1692) staat hij tegenover zijn grote rivaal, de Nederlandse vestingbouwer Menno van Coehoorn. Waar Coehoorn kiest voor directe, kostbare aanvallen, werkt Vauban met zorgvuldige loopgraven en gespreide artillerie. Dit leidt tot minder slachtoffers en grotere efficiëntie.
Vauban versterkte niet alleen de landgrenzen, maar ook kustplaatsen zoals Belle-Île-en-Mer. Hij ontwerpt zee- en landforten die handel en havens beschermen en brengt kwetsbare ‘blinde vlekken’ in de verdediging in kaart, zoals bij Brouage, destijds een belangrijke haven voor zoutproductie en -export.
Naast zijn militaire werken gaf hij ook advies over civiele projecten, zoals het Canal du Midi en het aquaduct van Maintenon voor Versailles, onderdeel van een onvoltooid kanaal om het paleis van water te voorzien.
Vauban en Maastricht
Ook in Maastricht laat Vauban zijn stempel achter. Tijdens de Hollandse Oorlog speelt hij een cruciale rol bij het beleg van 1673. Maastricht, bekend als de ‘poort van Holland’ en geroemd om zijn sterke vestingwerken, is een belangrijk strategisch en prestigieus doelwit voor koning Lodewijk XIV.
Vauban laat zijn troepen niet zomaar op de muren afstormen, maar organiseert de aanval stap voor stap. Met een ingenieus stelsel van loopgraven naderen zijn soldaten de vesting steeds dichter, zoveel mogelijk buiten het directe schootsveld van de verdedigers. Vanuit deze beschermde posities kan de artillerie gericht worden ingezet om de verdedigingswerken te verzwakken.
Deze systematische aanpak maakt het mogelijk de sterke vesting doelgericht aan te vallen en de verliezen onder de eigen troepen te beperken. Maastricht valt na dertien dagen en de overwinning bevestigt Vaubans reputatie als militair ingenieur. Tijdens het beleg sneuvelt ook de beroemde musketier d’Artagnan, nabij de Tongersepoort.
Na de verovering door Lodewijk XIV blijft Maastricht vijf jaar lang in Franse handen. In die periode verbeteren Franse militaire ingenieurs de vestingwerken, grotendeels volgens de plannen van Vauban. Tussen 1673 en 1675 worden onder meer delen van de Hoge en Lage Fronten vernieuwd. Van deze ingrepen is tegenwoordig alleen nog het Jekerkanaal over, een aquaduct dat diende om de inundatie van de Bossche Fronten te verbeteren.
Het ideaal van het pré carré
Om het koninkrijk duurzaam te verdedigen tegen andere Europese machten ontwerpt Vauban het concept van het pré carré: een strak georganiseerde militaire bufferzone. Hij benut het landschap optimaal: heuvels, rivieren en kustlijnen worden onderdeel van het verdedigingsplan.
Binnen zijn vestingsteden paste hij vaak een schaakbordpatroon toe. Hoewel de buitenmuren stervormig waren, werd het binnenste deel van de stad ingedeeld in regelmatige, vierkante blokken.
Voorbeelden hiervan zijn Neuf-Brisach, Ville-Neuve (Longwy) en Mont-Louis in de Pyreneeën.
Auxonne
Rond 1679 versterkt Vauban ook Auxonne, dat hij uitbouwt tot een strategische grensvesting aan de Saône. Hij neemt de in 1673 begonnen reconstructie van de vestingmuren over en voltooit de bastions. Tien jaar later laat hij een imposant artillerie-arsenaal bouwen voor de productie van kanonaffuiten, een markant gebouw dat tegenwoordig deels dienstdoet als markthal. Hij werkt hij de monumentale Porte Royale af, herkenbaar aan haar klassieke architectuur met wapentrofeeën en mansardedaken.
Ook op de binnenplaats van het bestaande Château Louis XI voegt hij militaire barakken toe.
Dankzij deze ingrepen groeit Auxonne uit tot een belangrijke schakel in de verdedigingslinie van Lodewijk XIV, een militair karakter dat de stad tot op heden behoudt.
Wanneer je via de Voie Bleue bij Auxonne arriveert, zie je de vestingwerken oprijzen langs de Saône, stille getuigen van een roemrijk verleden waarin naast Vauban zijn sporen naliet.
Dood en nagedachtenis
Vauban overlijdt op 30 maart 1707 in Parijs aan een longontsteking. Hij wordt zonder ceremonieel eerbetoon begraven in de Église Saint-Hilaire van Bazoches. Na een besluit van Napoleon in 1808 wordt zijn hart bijgezet in het Hôtel des Invalides in Parijs, waar vele prominente Franse militairen zijn begraven.
Vauban in de Bourgogne
Château de Bazoches
Het meest tastbare spoor van Vauban in de Bourgogne is het Château de Bazoches, halverwege een heuvel in de Morvan, met uitzicht op Vézelay.
Het kasteel, gebouwd in de 12e eeuw op de plek van een voormalig Romeins kamp, heeft de vorm van een trapezium, met een donjon en ronde hoektorens.
Vauban koopt Château de Bazoches in 1675. Volgens de officiële kasteelgeschiedenis kan hij de aankoop financieren met een beloning van 80.000 livres die koning Lodewijk XIV hem heeft toegekend voor de verovering van Maastricht in 1673. Het kasteel, dat eerder in handen was van zijn familie, wordt zijn woonhuis én zijn werkplek. Vanuit Bazoches werkt Vauban aan de plannen voor de vestingwerken die hij in opdracht van de koning ontwerpt en verbetert.
Vauban richt Château de Bazoches in als familiewoning voor zichzelf, zijn vrouw Jeanne d’Osnay en hun dochters. Zelf verblijft hij er tussen zijn militaire campagnes door; vanuit het kasteel werkt hij aan de plannen voor de vestingwerken van het Franse koninkrijk.
Bazoches is meer dan een privéwoning. Vanuit het kasteel organiseert Vauban zijn werkzaamheden en werkte hij met medewerkers aan de plannen voor vestingwerken verspreid over het Franse koninkrijk. Tekeningen, berekeningen en ontwerpen vormden een belangrijk onderdeel van dat werk. Het kasteel was zo een vaste uitvalsbasis voor een militaire ingenieur die op talrijke plaatsen in Frankrijk betrokken was bij de aanleg of verbetering van verdedigingswerken.
Na Vaubans dood in 1707 blijft Château de Bazoches aanvankelijk in handen van zijn nakomelingen. In 1748 wordt het verkocht, maar in de negentiende eeuw keert het door een huwelijk terug in de familie. Ook tegenwoordig wordt het kasteel bewoond en beheerd door nakomelingen van Vauban, via zijn oudste dochter Charlotte.
Het château en tuin zijn te bezichtigen: in het kasteel vind je de rode slaapkamer, kantoor, bibliotheken, galerij en binnenplaats. Vanuit het château is er een prachtig uitzicht op Vézelay.
Het enige dorp met zijn naam
Het dorp Saint-Sernin wordt in 1725 bij koninklijk edict omgedoopt tot Vauban, als eerbetoon aan zijn familie. Het is het enige dorp in Frankrijk dat deze naam mag dragen. De romaanse kerk herbergt de grafkapel van de familie, waar de familiegrafkelder nog steeds te zien is.
Avallon en de herinnering
In Avallon staat een standbeeld van Vauban, als eerbetoon aan de beroemdste zoon van de streek.
De andere kant van Vauban: sociaal hervormer
Vauban is meer dan een militair ingenieur. Tijdens zijn reizen noteert hij nauwgezet zijn waarnemingen over het landschap, landbouw, economie en levensomstandigheden van de bevolking. In 1696 beschrijft hij onder meer de schrijnende armoede in Vézelay.
Hij wil niet alleen de problemen vastleggen, maar ook oplossingen aandragen. In 1707 werkt hij zijn ideeën uit in de Dîme royale, een voorstel voor belastinghervorming dat uitgaat van een eerlijkere verdeling van de lasten. Ook de adel en de geestelijkheid zouden belasting moeten betalen, zodat de zwaarste lasten niet langer voornamelijk op de gewone bevolking rusten.
Koning Lodewijk XIV is niet vooraf op de hoogte van de publicatie en reageert verbolgen. Hij verbiedt de verspreiding van het werk, maar Vauban wordt niet gestraft. Zijn militaire verdiensten zijn groot, al komt de verhouding tussen koning en maarschalk onder druk te staan.
Zijn hervormingsvoorstellen laten zien dat Vauban de kracht van Frankrijk niet uitsluitend zoekt in een sterk leger en goed verdedigde grenzen. Ook een rechtvaardiger belastingstelsel en een betere economische positie van de bevolking zijn volgens hem van belang voor het koninkrijk.
“Tout ce que je dis n’est point pris sur des observations fabuleuses, mais sur des visites et des dénombrements exacts…”
Sébastien Le Prestre de Vauban
Vestingen om te bezoeken
Ook buiten de Bourgogne zijn in Frankrijk talrijke vestingen te bezoeken:
- Villefranche-de-Conflent en Fort Libéria
- Mont-Louis
- Saint-Vaast-la-Hougue (Tour Vauban in het Fort de la Hougue op een schiereiland en de Tour Benjamin de Combes op het eiland Tatihou)
- Neuf-Brisach met het Musée Vauban
- Mont-Dauphin
- Vestingwerken in Luxemburg
Museum gewijd aan leven en werk van Vauban
Het Musée Vauban in SAINT-LEGER-VAUBAN toont het veelzijdige leven van deze militair, architect, stedenbouwkundige, filosoof en humanist.
Een strateeg met visie en bewogenheid
Vauban was een militair genie, een strateeg, een ingenieur én een sociaal denker. Maar bovenal was hij een Bourgondiër, gevormd door het ruige landschap van de Morvan.
Sommigen menen dat zijn hervormingsplannen de excessen van de latere Revolutie hadden kunnen verzachten.
Wie vandaag zijn kastelen en vestingen bezoekt, ziet niet alleen stenen muren, maar een visie: een land beschermen met verstand in plaats van bravoure.
Daarnaast was Le Vauban ook de naam van een internationale treinverbinding tussen Brussel en Zwitserland, vernoemd naar de maarschalk, een passende herinnering aan een man wiens invloed grenzen overstijgt.
bronnen
Aventuriers et explorateurs de Bourgogne ; Lucienne Delille
www.tourisme-sudbrionnais.fr
whc.unesco.org
meest recente blogs zuidbourgogne.nl
Op ontdekkingstocht door CLUNY III
Cluny: ondergang van een abdij
Cluny: opkomst, macht en ondergang van een abdij
Van abdij naar paardenstal: de geschiedenis van de stallen van Cluny
Een duizend jaar oud mysterie in de abdijtuinen
De decanaten van Cluny: verborgen schakels in een middeleeuws machtsnetwerk
De wijnoogst van 2026: vroeg, droog en veelbelovend
Saint-Quentin in Bray: de kerk waar een schat gevonden is
Cluny, 11 augustus 1944: strijd, bombardement en bevrijding
Lys: een dorp van kunst en ambacht
Chevalier d’Éon: deel 2